Vereniging Historisch Purmerend
Vereniging Historisch Purmerend
- Reünie2010
- Nieuws en foto's
- Kosten
- Wie waren er?
- Te Koop
- Ingezonden Foto's
- Ingezonden Verhalen
- Links
- Comité Reünie
- Contact

Ingezonden Verhalen

Via de website www.vereniginghistorischpurmerend.nl is het altijd al mogelijk om uw verhalen in te sturen.
Mocht deze Reünie herinneringen bij u boven brengen, schrijf ze op en stuur ze dan aan ons toe via e-mailadres:

info@vereniginghistorischpurmerend.nl



Bertha de Vries-Eggers uit Purmerend

Iedere oudere Purmerender kent wel Barend Cruijff. Als ik het over hem heb, zeggen de meeste mensen: Oh, die van de vogeltjes of de speelgoedwinkel? Nee, moet ik ze dan corrigeren, die hun opa en dat is mijn oom.
Mijn oom Barend is rond 1900 vanuit Amsterdam naar Purmerend verhuisd, terwijl zijn verdere familie in Amsterdam bleef wonen. Barend Cruijff is op de Westerstraat tegenover de Nieuwstraat een winkel in "Water en Vuur" begonnen. Voor de jongere onder ons, in zo'n winkel kon je heet water en hete kolen kopen. De kolen waren voor de stoof en het water was om de kleding te wassen. Kan je je nu bijna niet meer voorstellen dat je daar de deur voor uit moest! Een paar maanden geleden was ik in de Rusthoeve voor een dia voorstelling en zag zelfs nog een afbeelding van het winkeltje!

Barend leerde al snel een aantal Purmerenders kennen en zo vond hij voor zijn zuster Corrie Cruijff een baan als huishoudster bij de Familie Fortuin die in de Dubbele Buurt een winkel hadden.
Een aantal jaren geleden ben ik nog in het Gemeente Archief geweest waar het boek van de personen die in een huishouding hadden gewerkt ter inzage lag, daarin kon ik terugvinden op welke datum zij precies bij de familie Fortuin is begonnen met haar werk. Ik vond dat heel erg leuk.

Mijn oom Barend Cruijff was een op en top zakenman en zag overal brood in. Zo is hij als snel na de opening van het Water en Vuur winkeltje in oude lompen en tweede hands goederen gaan handelen. Daarnaast was hij een heel actief verenigingsmens: hij organiseerde veel voor de jaarlijkse bejaardentocht en andere verenigingen.
Veel over hem is terug te lezen in boeken over oud Purmerend. Bovendien staan in het Purmerends Museum een aantal arrenslede die van hem geweest zijn.




Bertha de Vries-Eggers uit Purmerend

Als kind ben ik opgegroeid op het Lindenplein in de volksmond werd deze buurt het "Rode Dorp" genoemd. Het Rode dorp lag tussen de HBS, Rusthoeve en het Stadsziekenhuis (wat nu het Gemeente huis is) en telde 42 woningen en zelfs een winkel. Op het Lindenplein stond een enorme grote zandbak waar iedereen zich helemaal in kon uitleven. Na wat jaren is de zandbak vervangen door een groot grasveld, omdat de huisvrouwen bij iedere vlaag wind hun vensterbanken moesten schoonmaken omdat deze dan vol lagen met zand.

Hier heb ik een heel fijne jeugd gehad want er werd veel met de buurkinderen gespeeld. Vanuit mijn slaapkamer kon ik de koeien en schapen zien lopen. Ik kan het me nu bijna niet meer voorstellen dat het zo was, want Purmerend heeft zijn grenzen behoorlijk verlegd. De gehele oorlog heb ik niet in Purmerend meegemaakt en was bij een familie in Amsterdam waar ik goed te eten kreeg. Daarna ben ik weer teruggekomen op het Lindenplein en heb daar 68 jaar gewoond totdat de huizen gesloopt moesten worden. Gelukkig woon ik nu alweer 18 jaar in de nabijheid van het oude centrum. Mijn huis is gelegen in de inmiddels gewilde Bloemenbuurt.


Verhalen van Corien de Vries uit Amsterdam:

Kan me nog goed het feest van het 550 jaar stadsrechten herinneren. Ik was toen 9 jaar jong. De hele school (School A) ging verkleed op wagens door de stad. Iedere klas had een thema gekregen. Mijn klas vertegenwoordigde de wereld. Er werd een hele grote wereldbol gemaakt door de Oudercommssie van de 4e klas waar ik toen in zat. Ik kreeg de opdracht om als Chineesje op de praalwagen te verschijnen. Mijn moeder is achter de naaimachine gekropen en zij heeft een zwarte broek en een fleurige gebloemde bloes voor mij gemaakt.

Van het stukje zwarte stof was nog een lapje over en daar kon mooi een hoed van gemaakt worden. De klas van mijn zus had ook thema mee gekregen: bloemen. Zij moest als sneeuwklokje verkleed worden. Mijn moeder had nog een groene trouwjurk van haar hangen. Nu deze kon na al de jaren wel eens in stukjes geknipt worden. Dus van de trouwjurk werd een jumpsuit gemaakt en op haar hoofd werd een witte hoed met witte bladeren gezet. Dus net echt. We hebben een prachtige dag dag gehad/


Je had twee Openbare scholen in Purmerend. Ik ben als 6-jarige naar school A gegaan, de school van Meester Lucieer. Kan me nog goed herinneren hoe wij tijdens het speelkwartier naar de Koemarkt geloodsd werden om daar een kwartier te spelen en natuurlijk om frisse lucht te happen. We speelden veel op de rekken waar dinsdag de koeien stonden. Deden tikkertje of een ander spelletje, maar het was de grootste sport om tijdens het speelkwartier niet op de Koemarkt te zijn. Als de meester even niet keek.

Holde ik met een paar klasgenoten, wie precies weet ik niet meer, naar de overkant van de Koestraat. Hier zat de snoepwinkel van Antje Kalf maar daar moest je natuurlijk niet naar toegaan want dan werd je zo gesnapt door de leraar. We hadden iets veel beters verzonnnen. Snel een steegje in en door de hofjes hollen, die er toen nog waren, en dan kwam je uit op de Willem Eggertstraat. Hier zat ook een snoepwikel (helaas ben ik de namen van de mensen vergeten). Wel kan ik de winkel nog zo voor me halen: het zag er een beetje donker uit, de winkel werd gerund, zoals ze het nu noemen door een oudere heer en vrouw, als je deur binnen kwam dan waren er op ooghoogte voor ons de platte vitrines en daar lagen alle zoute droppen, wijnballen, lolly's en etc. in.

Je mocht van de meneer of mevrouw vooral niet met je vingers op de glas van de vitrines komen en natuurlijk was het de sport om het lekker wel te doen. Voldaan met twee stukken snoep voor Hfl. 0,05 gingen we dan weer naar de Koestraat terug. En dan moesten wij weer ongezien proberen om in de rij aan te sluiten om de school in te gaan. Het is mij en de anderen vaak gelukt!


In mijn jeugd hadden we nog tijden dat we tolden of touwtje sprongen. Weet niet meer wanneer het toltijd en springtijd was. Wel kan ik me nog herinneren dat als het touwtje springtijd was dat dan vaak de voorjaarkermis begon in Purmerend. Deze was gesitueerd op de Wester- en de Nieuwstraat. En meestal gingen je er naar toe met een vriendin of met anderen. Voordat de kermis begon was er nog een heel ander evenement. De springtouwen van de meiden werden aan elkaar gebonden. Door heel wat kinderen, jongens en meisjes, werd het touw vastgepakt en al zingend "lauw lauw kiewiet, morgen is het kermis" holden we dan door de binnenstad van Purmerend. Dolle pret was het om zo snel mogelijk te gaan en niet te vallen.

Het was een mooie zondagavond in de 70-er jaren

Mijn vader en moeder waren beiden lid van de Fietstoerclub Le Champion, en fietsten vele tochten. Ook de kleurrijke Jan Stoet Bakker was lid en fietste vele tochten (op klompen).

"Kom je na het fietsen nog even een biertje bij ons drinken op de Nieuwstraat?" vroegen mijn ouders aan de Stoet. " Ja natuurlijk Jaap en Jannie, maar eerst even mijn fiets thuis op de Westerstraat wegbrengen". (Stoet woonde in een hofje achter de Westerstraat).

Later kwam de Stoet, en zoals het gaat: lekker gekletst over alles en nog wat.

"Kijk Jaap" zei de Stoet, "daar komt de brandweer met toeters en bellen aanscheuren. Waar zal hij heen gaan?" Blijkbaar niet ver want het geluid hield snel op. Nieuwsgierig als ze waren gingen ze toch maar even kijken waar de brand was.

Het bleek in het huis van Stoet Bakker te zijn!

Hij had alvast zijn pan met vlees opgezet en de vlam was in de pan geslagen. De hele keuken was zwart van de rook en roet.

Een verhaal van: Cees en Jenny Sanders

Stoet Bakker